Richtlijn 2007/57/EG van de Commissie van 17 september 2007 tot wijziging van bepaalde bijlagen bij de Richtlijnen 76/895/EEG, 86/362/EEG, 86/363/EEG en 90/642/EEG van de Raad wat betreft maximumgehalten aan residuen voor dithiocarbamaten Voor de EER relevante tekst
Publicatieblad Nr. L 243 van 18/09/2007 blz. 0061 - 0070
20070917 Richtlijn 2007/57/EG van de Commissie van 17 september 2007 tot wijziging van bepaalde bijlagen bij de Richtlijnen 76/895/EEG, 86/362/EEG, 86/363/EEG en 90/642/EEG van de Raad wat betreft maximumgehalten aan residuen voor dithiocarbamaten (Voor de EER relevante tekst) DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Richtlijn 76/895/EEG van de Raad van 23 november 1976 betreffende de vaststelling van de maximale hoeveelheden residuen van bestrijdingsmiddelen in en op groenten en fruit [1], en met name op artikel 5, Gelet op Richtlijn 86/362/EEG van de Raad van 24 juli 1986 tot vaststelling van maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in en op granen [2], en met name op artikel 10, Gelet op Richtlijn 86/363/EEG van de Raad van 24 juli 1986 tot vaststelling van maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in en op levensmiddelen van dierlijke oorsprong [3], en met name op artikel 10, Gelet op Richtlijn 90/642/EEG van de Raad van 27 november 1990 tot vaststelling van maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in en op bepaalde producten van plantaardige oorsprong, met inbegrip van groenten en fruit [4], en met name op artikel 7, Overwegende hetgeen volgt: (1) De maximumresidugehalten (MRL’s) worden vastgesteld op basis van een zodanige toepassing van de minimumhoeveelheden bestrijdingsmiddelen die voor een effectieve gewasbescherming nodig zijn dat de hoeveelheid residu zo klein mogelijk is en toxicologisch aanvaardbaar blijft, met name wat de geschatte opname via de voeding betreft. (2) De MRL's voor bestrijdingsmiddelen worden voortdurend opnieuw bekeken en gewijzigd om rekening te houden met nieuwe gegevens, met inbegrip van nieuwe en gewijzigde toepassingen. De Commissie is in kennis gesteld van nieuwe of gewijzigde toepassingen die zullen leiden tot andere gehalten aan maneb, mancozeb, metiram, propineb en thiram. (3) De werkzame stof ziram is bij Richtlijn 2003/81/EG [5] van de Commissie opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad [6]. Deze stof is in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG opgenomen op grond van de evaluatie van de informatie die is verstrekt met betrekking tot het voorgestelde gebruik. De beschikbare informatie is onderzocht en is toereikend om een aantal maximumresidugehalten (MRL's) vast te stellen. (4) In de Richtlijnen 76/895/EEG, 86/362/EEG, 86/363/EEG en 90/642/EEG zijn al communautaire MRL's vastgesteld voor maneb, mancozeb, metiram, propineb en thiram. Met deze gehalten is rekening gehouden bij de aanpassing van de MRL's waarop deze richtlijn betrekking heeft. Daar de residuen van maneb, mancozeb, metiram, propineb, thiram en ziram bij routinecontroles niet afzonderlijk kunnen worden vastgesteld, zijn MRL's vastgesteld voor de gehele groep van deze bestrijdingsmiddelen, die ook bekend zijn onder de benaming dithiocarbamaten. Voor probineb, thiram and ziram bestaan echter afzonderlijke methoden, zij het dat deze niet systematisch worden uitgevoerd. Bij deze methoden moet per geval worden bekeken of zij moeten worden toegepast, wanneer de specifieke kwantificering van propineb, ziram en/of thiram noodzakelijk is. (5) In de evaluatieverslagen van de Commissie die werden opgesteld voor de opneming van de desbetreffende werkzame stoffen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG, is de aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) en, zo nodig, de acute referentiedosis (ARfD) voor die stoffen vastgesteld. De blootstelling van consumenten aan met de betrokken werkzame stof behandelde levensmiddelen is geraamd en geëvalueerd volgens de communautaire procedures. Voorts is rekening gehouden met de door de Wereldgezondheidsorganisatie gepubliceerde richtsnoeren [7] en met het advies van het Wetenschappelijk Comité voor planten [8] over de gebruikte methoden. De conclusie was dat de voorgestelde MRL's niet leiden tot overschrijding van die ADI of ARfD. (6) Wanneer toegelaten toepassingen van gewasbeschermingsmiddelen niet tot detecteerbare gehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in of op het levensmiddel leiden, wanneer er geen toegelaten toepassingen zijn, wanneer door de lidstaten toegelaten toepassingen niet met de nodige gegevens zijn onderbouwd, of wanneer toepassingen in derde landen die leiden tot residuen in of op levensmiddelen die op de markt van de Gemeenschap verkrijgbaar kunnen zijn, niet met de nodige gegevens zijn onderbouwd, moeten de MRL’s op de ondergrens van de analytische bepaling worden vastgesteld. (7) De in de bijlagen bij de Richtlijnen 76/895/EEG, 86/362/EEG, 86/363/EEG en 90/642/EEG opgenomen MRL's moeten daarom worden gewijzigd om te zorgen voor een degelijke bewaking van en controle op dit toepassingsverbod en om de consument te beschermen. Als in de bijlagen bij die richtlijnen reeds MRL's zijn vastgesteld, moeten die worden gewijzigd. Als er nog geen MRL's zijn bepaald, moeten die voor het eerst worden vastgesteld. (8) De Richtlijnen 76/895/EEG, 86/362/EEG, 86/363/EEG en 90/642/EEG moeten daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. (9) De in deze richtlijn vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid, HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD: Artikel 1 In bijlage II bij Richtlijn 76/895/EEG worden de gegevens met betrekking tot thiram geschrapt. Artikel 2 Richtlijn 86/362/EEG wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage I bij deze richtlijn. Artikel 3 Richtlijn 86/363/EEG wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage II bij deze richtlijn. Artikel 4 Richtlijn 90/642/EEG wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage III bij deze richtlijn. Artikel 5 De lidstaten dienen uiterlijk op 18 maart 2008 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken om aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie die bepalingen onverwijld mede, alsmede een transponeringstabel ter weergave van het verband tussen die bepalingen en deze richtlijn. Zij passen die bepalingen toe vanaf 19 maart 2008. Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten. Artikel 6 Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie. Artikel 7 Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten. Gedaan te Brussel, 17 september 2007. Voor de Commissie Markos Kyprianou Lid van de Commissie [1] PB L 340 van 9.12.1976, blz. 26. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2007/8/EG van de Commissie (PB L 63 van 1.3.2007, blz. 9). [2] PB L 221 van 7.8.1986, blz. 37. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2007/27/EG van de Commissie (PB L 128 van 16.5.2007, blz. 31). [3] PB L 221 van 7.8.1986, blz. 43. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2007/28/EG van de Commissie (PB L 135 van 26.5.2007, blz. 6). [4] PB L 350 van 14.12.1990, blz. 71. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2007/39/EG van de Commissie (PB L 165 van 27.6.2007, blz. 25). [5] PB L 224 van 6.9.2003, blz. 29. [6] PB L 230 van 19.8.1991, blz. 1. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2007/52/EG van de Commissie (PB L 214 van 17.8.2007, blz. 3). [7] Richtsnoeren voor het voorspellen van de opname via de voeding van residuen van bestrijdingsmiddelen (herziene versie), opgesteld door GEMS/voedselprogramma in samenwerking met het Codex-comité voor residuen van bestrijdingsmiddelen, gepubliceerd door de Wereldgezondheidsorganisatie, 1997 (WHO/FSF/FOS/97.7). [8] Advies van het Wetenschappelijk Comité voor planten met betrekking tot de wijziging van de bijlagen bij de Richtlijnen 86/362/EEG, 86/363/EEG en 90/642/EEG van de Raad (advies van het Wetenschappelijk Comité voor planten van 14 juli 1998) (http://europa.eu.int/comm/food/fs/sc/index_en.html). -------------------------------------------------- 20070917 BIJLAGE I In deel A van bijlage II bij Richtlijn 86/362/EEG worden de regels voor "Maneb, mancozeb, metiram, propineb, zineb (uitgedrukt als CS2)" vervangen door: "Residuen van bestrijdingsmiddelen | Maximumgehalte in mg/kg | Dithiocarbamaten, uitgedrukt als CS2, waaronder maneb, mancozeb, metiram, propineb, thiram en ziram [1], [2] | 1 Tarwe, rogge, triticale, spelt (ma, mz) 2 Gerst, haver (ma, mz) 0,05 [4] Overige granen | Propineb (uitgedrukt als propyleendiamine) [3] | 0,05 [4] GRANEN | Thiram (uitgedrukt als thiram) [3] | 0,1 [4] GRANEN | Ziram (uitgedrukt als ziram) [3] | 0,1 [4] GRANEN | [1] De als CS2 uitgedrukte MRL's kunnen van verschillende dithiocarbamaten afkomstig zijn en geven daarom geen uniforme goede landbouwpraktijk (GLP) weer. Derhalve kunnen deze MRL's niet gebruikt worden om de naleving van een GLP te controleren. [2] Tussen haakjes de oorsprong van het residu (ma: maneb mz: mancozeb me: metiram pr: propineb t: thiram z: ziram). [3] Aangezien alle dithiocarbamaten als residu CS2 opleveren, kan er over het algemeen geen onderscheid tussen gemaakt worden. Voor propineb, ziram en thiram bestaan er echter single-residumethoden. Bij deze methoden moet per geval worden bekeken of zij moeten worden toegepast, wanneer de specifieke kwantificering van propineb, ziram en/of thiram noodzakelijk is. [****] Geeft de ondergrens van de analytische bepaling aan." -------------------------------------------------- 20070917 BIJLAGE II In deel B van bijlage II bij Richtlijn 86/363/EEG worden de regels voor "Maneb, mancozeb, metiram, propineb, zineb (uitgedrukt als CS2)" vervangen door: | Maximumgehalte in mg/kg | Residuen van bestrijdingsmiddelen | voor vlees met inbegrip van vet, vleesbereidingen, slachtafvallen en dierlijke vetten, vermeld in bijlage I onder de posten ex0201, 0202, 0203, 0204, 02050000, 0206, 0207, ex0208, 020900, 0210, 160100 en 1602 | voor melk en melkproducten, vermeld in bijlage I onder de posten 0401, 0402, 040500 en 0406 | voor verse eieren uit de schaal, voor vogeleieren en eigeel, vermeld in bijlage I onder de posten 040700 en 0408 | "Dithiocarbamaten, uitgedrukt als CS2, waaronder maneb, mancozeb, metiram, propineb, thiram en ziram | 0,05 [1] | 0,05 [1] | 0,05 [1] | [*] Geeft de ondergrens van de analytische bepaling aan". -------------------------------------------------- 20070917 BIJLAGE III In deel A van bijlage II bij Richtlijn 90/642/EEG wordt de regel voor "Mancozeb, maneb, metiram, propineb, zineb (uitgedrukt als CS2)" vervangen door: | "Residuen van bestrijdingsmiddelen en maximumgehalten aan residuen (mg/kg) | Groepen en voorbeelden van afzonderlijke producten waarop de maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen van toepassing zijn | Dithiocarbamaten, uitgedrukt als CS2, waaronder maneb, mancozeb, metiram, propineb, thiram en ziram [1], [2] | Propineb (uitgedrukt als propyleendiamine) [3] | Thiram (uitgedrukt als thiram) [3] | Ziram (uitgedrukt als ziram) [3] | 1.Fruit, vers, gedroogd of ongekookt, bevroren, zonder toegevoegde suiker; noten i)CITRUSVRUCHTEN | 5 (mz) | 0,05 [4] | 0,1 [4] | 0,1 [4] | Grapefruits | | | | | Citroenen | | | | | Lemmetjes | | | | | Mandarijnen (inclusief clementines en andere kruisingen) | | | | | Sinaasappelen | | | | | Pomelo’s | | | | | Andere | | | | | ii)NOTEN (al dan niet in de dop, schil of schaal) | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | 0,1 [4] | Amandelen | | | | | Paranoten | | | | | Cashewnoten | | | | | Kastanjes | | | | | Kokosnoten | | | | | Hazelnoten | | | | | Macadamianoten | | | | | Pecannoten | | | | | Pijnboompitten | | | | | Pistaches (pimpernoten) | | | | | Walnoten | 0,1 (mz) | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | iii)PITVRUCHTEN | 5 (ma, mz, me, pr, t, z) | 0,3 | | | Appelen | | | 5 | 0,1 [4] | Peren | | | 5 | 1 | Kweeperen | | | | | Andere | | | 0,1 [4] | 0,1 [4] | iv)STEENVRUCHTEN | | | | | Abrikozen | 2 (mz, t) | | 3 | | Kersen | 2 (mz, me, pr, t, z) | 0,3 | 3 | 5 | Perziken (inclusief nectarines en soortgelijke kruisingen) | 2 (mz, t) | | 3 | | Pruimen | 2 (mz, me, t, z) | | 2 | 2 | Andere | 0,05 [4] | 0,05 [4] | 0,1 [4] | 0,1 [4] | v)BESVRUCHTEN EN KLEIN FRUIT | | | | 0,1 [4] | a)Tafel- en wijndruiven | 5 (ma, mz, me, pr, t) | | | | Tafeldruiven | | 1 | 0,1 [4] | | Wijndruiven | | 1 | 3 | | b)Aardbeien (andere dan bosaardbeien) | 10 (t) | 0,05 [4] | 10 | | c)Rubussoorten (andere dan wilde vruchten) | 0,05 [4] | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | Bramen | | | | | Dauwbramen | | | | | Loganbessen | | | | | Frambozen | | | | | Andere | | | | | d)Ander klein fruit en besvruchten (voor zover niet wild) | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | Blauwe bosbessen | | | | | Veenbessen | | | | | Aalbessen (rood, zwart en wit) | 5 (mz) | | | | Kruisbessen | | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | e)Wilde besvruchten en wilde vruchten | 0,05 [4] | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | vi)DIVERSE VRUCHTEN | | | 0,1 [4] | 0,1 [4] | Avocado’s | | | | | Bananen | 2 (mz, me) | | | | Dadels | | | | | Vijgen | | | | | Kiwi’s | | | | | Kumquats | | | | | Lychees | | | | | Mango’s | 2 (mz) | | | | Olijven (tafelolijven) | 5 (mz, pr) | 0,3 | | | Olijven (olieproductie) | 5 (mz, pr) | 0,3 | | | Papaja’s | 7 (mz) | | | | Passievruchten | | | | | Ananassen | | | | | Granaatappels | | | | | Andere | 0,05 [4] | 0,05 [4] | | | 2.Groenten, vers of ongekookt, bevroren of gedroogd | | | | 0,1 [4] | i)WORTEL- EN KNOLGEWASSEN | | | 0,1 [4] | | Rode bieten | 0,5 (mz) | | | | Wortelen | 0,2 (mz) | | | | Cassave | | | | | Knolselderij | 0,3 (ma, me, pr, t) | 0,3 | | | Mierikswortel (peperwortel) | 0,2 (mz) | | | | Aardperen (topinamboers) | | | | | Pastinaken | 0,2 (mz) | | | | Wortelpeterselie | 0,2 (mz) | | | | Radijzen | | | | | Schorseneren | 0,2 (mz) | | | | Bataten (zoete aardappelen) | | | | | Koolrapen | | | | | Rapen | | | | | Yams | | | | | Andere | 0,05 [4] | 0,05 [4] | | | ii)BOLGEWASSEN | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | Knoflook | 0,1 (mz) | | | | Uien | 1 (ma, mz) | | | | Sjalotten | 1 (ma, mz) | | | | Bosuien | 1 (mz) | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | iii)VRUCHTGROENTEN | | | 0,1 [4] | | a)Solanaceae | | | | | Tomaten | 3 (mz, me, pr) | 2 | | | Pepers (paprika’s) | 5 (mz, pr) | 1 | | | Aubergines | 3 (mz, me) | | | | Okra’s | 0,5 (mz) | | | | Andere | 0,05 [4] | 0,05 [4] | | | b)Cucurbitaceae met eetbare schil | 2 (mz, pr) | | | | Komkommers | | 2 | | | Augurken | | | | | Courgettes | | | | | Andere | | 0,05 [4] | | | c)Cucurbitaceae met niet-eetbare schil | 1 (mz, pr) | | | | Meloenen | | 1 | | | Pompoenen | | | | | Watermeloenen | | 1 | | | Andere | | 0,05 [4] | | | d)Suikermais | 0,05 [4] | 0,05 [4] | | | iv)KOOLSOORTEN | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | a)Bloemkoolachtigen | 1 (mz) | | | | Broccoli | | | | | Bloemkool | | | | | Andere | | | | | b)Sluitkoolachtigen | | | | | Spruitjes | 2 (mz) | | | | Sluitkool | 3 (mz) | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | c)Bladkoolachtigen | 0,5 (mz) | | | | Chinese kool | | | | | Boerenkool | | | | | Andere | | | | | d)Koolrabi | 1 (mz) | | | | v)BLADGROENTEN EN VERSE KRUIDEN | | 0,05 [4] | | | a)Sla en dergelijke | 5 (mz, me, t) | | | | Tuinkers | | | | | Veldsla | | | | | Sla | | | 2 | | Andijvie | | | 2 | | Rucola | | | | | Bladeren en stengels van koolsoorten, inclusief raapstelen | | | | | Andere | | | 0,1 [4] | | b)Spinazie en dergelijke | 0,05 [4] | | 0,1 [4] | | Spinazie | | | | | Snijbiet | | | | | Andere | | | | | c)Waterkers | 0,3 (mz) | | 0,1 [4] | | d)Witlof | 0,5 (mz) | | 0,1 [4] | | e)Kruiden | 5 (mz, me) | | 0,1 [4] | | Kervel | | | | | Bieslook | | | | | Peterselie | | | | | Bladselderij | | | | | Andere | | | | | vi)PEULGROENTEN (vers) | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | Bonen (met peul) | 1 (mz) | | | | Bonen (zonder peul) | 0,1 (mz) | | | | Erwten (met peul) | 1 (ma, mz) | | | | Erwten (zonder peul) | 0,1 (mz) | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | vii)STENGELGROENTEN (vers) | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | Asperges | 0,5 (mz) | | | | Kardoen | | | | | Bleekselderij | | | | | Knolvenkel | | | | | Artisjokken | | | | | Prei | 3 (ma, mz) | | | | Rabarber | 0,5 (mz) | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | viii)FUNGI | 0,05 [4] | 0,05 [4] | 0,1 [4] | | a)Gekweekte paddenstoelen | | | | | b)Wilde paddenstoelen | | | | | 3.Peulvruchten | | 0,05 [4] | 0,1 [4] | 0,1 [4] | Bonen | 0,1 (mz) | | | | Linzen | | | | | Erwten | 0,1 (mz) | | | | Lupinen | | | | | Andere | 0,05 [4] | | | | 4.Oliehoudende zaden | | 0,1 [4] | 0,1 [4] | 0,1 [4] | Lijnzaad | | | | | Pinda’s | | | | | Maanzaad | | | | | Sesamzaad | | | | | Zonnebloempitten | | | | | Kool- en raapzaad | 0,5 (ma, mz) | | | | Sojabonen | | | | | Mosterdzaad | | | | | Katoenzaad | | | | | Hennepzaad | | | | | Pompoenzaad | | | | | Andere | 0,1 [4] | | | | 5.Aardappelen | 0,3 (ma, mz, me, pr) | 0,2 | 0,1 [4] | 0,1 [4] | Vroege aardappelen | | | | | Bewaaraardappelen | | | | | 6.Thee (gedroogde bladeren en stengels, al dan niet gefermenteerd, van Camellia sinensis) | 0,1 [4] | 0,1 [4] | 0,2 [4] | 0,2 [4] | 7.Hop (gedroogd), inclusief hoppellets en niet-geconcentreerd poeder | 25 (pr) | 50 | 0,2 [4] | 0,2 [4] | [1] De als CS2 uitgedrukte MRL's kunnen van verschillende dithiocarbamaten afkomstig zijn en geven daarom geen uniforme goede landbouwpraktijk (GLP) weer. Derhalve kunnen deze MRL's niet gebruikt worden om de naleving van een GLP te controleren. [2] Tussen haakjes de oorsprong van het residu (ma: maneb mz: mancozeb me: metiram pr: propineb t: thiram z: ziram). [3] Aangezien alle dithiocarbamaten als residu CS2 opleveren, kan er over het algemeen geen onderscheid tussen gemaakt worden. Voor propineb, ziram en thiram bestaan er echter single-residumethoden. Bij deze methoden moet per geval worden bekeken of zij moeten worden toegepast, wanneer de specifieke kwantificering van propineb, ziram en/of thiram noodzakelijk is. [****] Geeft de ondergrens van de analytische bepaling aan." --------------------------------------------------