98/240/GBVB: Gemeenschappelijk standpunt van 19 maart 1998 door de Raad bepaald op grond van artikel J.2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie betreffende beperkende maatregelen tegen de Federale Republiek Joegoslavië
PB L 95 van 27.3.1998, blz. 1–3 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)
bijzondere uitgave in het Tsjechisch: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Ests: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Hongaars Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Litouws: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Lets: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Maltees: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Pools: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Slowaaks: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Sloveens: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 51 - 53
bijzondere uitgave in het Bulgaars: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 44 - 46
bijzondere uitgave in het Roemeens: Hoofdstuk 18 Deel 01 blz. 44 - 46
DA DE EL EN ES FI FR IT NL PT SV
| BG | ES | CS | DA | DE | ET | EL | EN | FR | GA | IT | LV | LT | HU | MT | NL | PL | PT | RO | SK | SL | FI | SV |
| html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | html | ||
| tiff | tiff | tiff | tiff | tiff | tiff | tiff | tiff | tiff | tiff | tiff |
| Twee talen naast elkaar: BG CS DA DE EL EN ES ET FI FR HU IT LT LV MT NL PL PT RO SK SL SV |
GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT van 19 maart 1998 door de Raad bepaald op grond van artikel J.2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie betreffende beperkende maatregelen tegen de Federale Republiek Joegoslavië (98/240/GBVB)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzonderheid op artikel J.2,
Overwegende dat de recente gebeurtenissen in de Federale Republiek Joegoslavië (FRJ), meer bepaald het gebruik van geweld tegen de Albanese gemeenschap in Kosovo, een onaanvaardbare schending van de mensenrechten betekenen en de veiligheid van het gebied in gevaar brengen;
Overwegende dat de Europese Unie terrorisme en gewelddaden gepleegd door het Kosovo Bevrijdingsleger of door elke groep en elk individu streng veroordeelt;
Overwegende dat de Europese Unie de gewelddadige onderdrukking van niet-gewelddadige uitingen van politieke meningen streng veroordeelt;
Overwegende dat de Europese Unie de verklaring van de Contactgroep van 9 maart 1998 op 12 maart 1998 heeft onderschreven;
Overwegende dat de Europese Unie eist dat de regering van de FRJ daadwerkelijk stappen onderneemt om het geweld te stoppen en zich ertoe verbindt een politieke oplossing te vinden voor de kwestie Kosovo door middel van een vreedzame dialoog met de Albanese gemeenschap in Kosovo, in het bijzonder door
- de terugtrekking van de speciale politie-eenheden en de stopzetting van het optreden van de veiligheidsdiensten, waaronder de burgerbevolking te lijden heeft;
- het verlenen van toegang tot Kosovo aan het Internationaal Comité van het Rode Kruis en andere humanitaire organisaties, alsook aan vertegenwoordigers van de Europese Unie en andere ambassades;
- een publiekelijke toezegging dat zij een proces van dialoog met de leiders van de Albanese gemeenschap in Kosovo op gang zal brengen;
- constructief mee te werken aan de uitvoering van de maatregelen bedoeld in punt 6 van de verklaring van de Contactgroep;
Overwegende dat beperkende maatregelen van de artikelen 1 tot en met 4, met inbegrip van de vermindering van de economische en/of financiële betrekkingen, noodzakelijk worden geacht; dat deze maatregelen onmiddellijk opnieuw zullen worden bezien als de regering van de FRJ de in de vorige overweging bedoelde stappen onderneemt;
Overwegende dat de Europese Unie bijkomende internationale maatregelen zal nemen, inzonderheid om te komen tot een bevriezing van de middelen die de regering van de FRJ en van Servië in het buitenland bezitten, indien de bovenbedoelde stappen niet worden ondernomen en de onderdrukking in Kosovo voortduurt,
HEEFT HET VOLGENDE GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT BEPAALD:
Artikel 1
De Europese Unie bevestigt het embargo op de uitvoer van wapens naar voormalig Joegoslavië, zoals bepaald bij Gemeenschappelijk standpunt 96/184/GBVB (1).
Artikel 2
Er zal aan de FRJ geen apparatuur worden geleverd die kan worden gebruikt voor binnenlandse repressie of terrorisme.
Artikel 3
Er komt een moratorium op door de overheid gefinancierde steun voor exportkredieten ten behoeve van handel en investeringen, met inbegrip van de overheidsfinanciering van de privatisering in Servië.
Artikel 4
1. Er zullen geen visa worden afgegeven voor hooggeplaatste vertegenwoordigers van de FRJ en Servië die verantwoordelijk zijn voor de repressie door de ordediensten van de FRJ in Kosovo.
2. De personen genoemd op de lijst in de bijlage en die uitgesproken verantwoordelijkheid op het gebied van de veiligheid hebben, zullen ter fine van weigering van toegang tot het grondgebied van de lidstaten worden gesignaleerd. Andere hooggeplaatste vertegenwoordigers van de FRJ en Servië die verantwoordelijk zijn voor de repressie in Kosovo worden aan de lijst toegevoegd indien de autoriteiten van de FRJ zouden nalaten gevolg te geven aan de verzoeken van de internationale gemeenschap; in uitzonderingsgevallen kunnen uitzonderingen worden gemaakt indien dat de vitale belangen van de Unie zou bevorderen. De Raad zal de lijst aanpassen in het licht van de ontwikkelingen in Kosovo.
Artikel 5
Dit gemeenschappelijk standpunt treedt in werking op de datum van aanneming.
Artikel 6
Dit gemeenschappelijk standpunt wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad.
Gedaan te Brussel, 19 maart 1998.
Voor de Raad
De Voorzitter
J. STRAW
(1) PB L 58 van 7.3.1996, blz. 1.
BIJLAGE
Vlajko Stojlkovic (Servische minister van Binnenlandse Zaken)
Vlastimir Djordjevic (hoofd departement Openbare Veiligheid)
Dragisa Ristivojevic (adjunct-hoofd departement Openbare Veiligheid)
Obrad Stevanovic (onderminister van Binnenlandse Zaken)
Jovica Stanisic (onderminister van Binnenlandse Zaken: hoofd van de Servische staatsveiligheid)
Radomir Markovic (onderminister van Binnenlandse Zaken: adjunct-hoofd van de Servische staatsveiligheid)
Frenki Simatovic (hoofd Speciale Eenheden van de staatsveiligheid)
David Gajic (hoofd Veiligheid in Kosovo)
Lubinko Cvetic (adjunct-hoofd Veiligheid in Kosovo)
Veljko Odalovic (adjunct-hoofd van de autonome regio (Okrug) Kosovo)
| Naar boven |